Van onbeperkt voeren tot maaltijden: hoe vaak moet je kat eten?

Van onbeperkt voeren tot maaltijden: hoe vaak moet je kat eten?


In kattenland is het vaak een discussie of we voer de hele dag moeten laten staan (onbeperkt voeren) of dat het beter is om in één of meerdere maaltijden te voeren.


Hiervoor zijn diverse argumenten te voeren. Zo kunnen we kijken naar het mentale welzijn, de fysieke gezondheid en praktische overwegingen voor de bakjes-vullers (wij dus ;) ).


In dit artikel ga ik dieper in op de voors- en tegens van onbeperkt voeren en maaltijden voeren.




In het wild eet een kat meerdere muizen per dag. Om aan zijn energie behoefte te voldoen, moet hij wel 8 tot 12 muizen per dag vangen. Een muis is steeds een kleine maaltijd (grofweg 30 calorieën). Uit onderzoek blijkt ook dat een kat graag meerdere kleine porties per dag eet, zowel overdag als 's nachts (bron A).


Daarom wordt onbeperkt voeren vaak aanbevolen. In het Engels zie je de term "free feeding" en in de literatuur wordt de Latijnse benaming gebruikt "ad libitum".


Bij deze manier van voeren kan de kat zelf kiezen wanneer en hoeveel hij eet. Dit lijkt te passen bij het natuurlijke eetpatroon van de kat.


In het wild jaagt de kat op zijn prooien. Niet elke poging slaagt. Geschat wordt dat dit slechts in 1 op de 3 gevallen tot succes leidt. Daar gaat een hoop fysieke én mentale energie in zitten!


In het huis is dat alleen héél anders. Daar wordt vaak op 1 plek een grote hoeveelheid voer neergezet. Zoals op deze foto hieronder. Of een enorme "self feeder", waar voor 3 kilo aan brok in zit.


Hiervoor hoeft je gaat niets te doen. Geen actieve jacht, niet nadenken. De aspecten van een normaal jaagproces zijn daarbij compleet verdwenen. Dat betekent dat hij minder energie verbruikt én niet mentaal wordt uitgedaagd voor zijn voeding. Er is geen patroon van jagen – grijpen – doden – eten en dan wassen en slapen.


Nog een groot verschil met het wild: prooien bevatten rond de 65% vocht. Hierdoor zijn katten van nature gewend dat hun eetlust én dorst tegelijk bevredigd worden. Brok, iets wat vaak onbeperkt gevoerd wordt, bevat slechts 10% vocht. Veel katten verwarren dorst met honger, en gaan daardoor ook meer eten. Omdat brok veel caloriedichter is dan vlees (prooi en natvoer), is elke hap een flinke aanslag op de calorische inname.


Ad libitum voeren kat


Onbeperkt brok voor katjes zoals uitgevoerd in de praktijk lijkt dus niet per se op een natuurlijk eetpatroon. Sterker nog: het lijkt meer op dat van een grazer dan van een jager.


Hier is wel wat verandering in te brengen door het gebruik van voerpuzzels. Hierdoor moet je kat in ieder geval moeite doen voor zijn maaltijd in plaats van alleen naar het buffet toe te waggelen.


Er zijn wel andere voordelen van onbeperkt voeren:

  • Het is makkelijk voor onszelf.
  • Verlaagt de urine pH waarden (beschermend tegen blaasgruis [struviet])
  • Houdt de bloedsuiker stabieler en lager (beschermend tegen diabetes)
  • Vermindert stress, vooral in kattengroepen


Je voelt hem waarschijnlijk wel aankomen: Er zijn zeker ook nadelen aan onbeperkt voeren. En wat mij betreft worden die te vaak onderbelicht.


En dat is te veel eten.

Ja, ook voor katten geldt dat.


Er zijn zeker ook nadelen aan onbeperkt voeren. En wat mij betreft worden die te vaak onderbelicht. En dat is te veel eten. Ja, ook voor katten geldt dat.


Dat kan verschillende redenen hebben.

  • Gedragsmatig: Verveling door een gebrek aan "dingen te doen" (omgevingsverrijking: ontdekken, spelen, klimmen)
  • Multi-Cat huishouden waarbij 1 kat het voer opeist (soms zie je hierdoor 1 dikke kat en de rest is dun of normaal)
  • Het verleden, bijvoorbeeld bij een ex-zwerver of een kat die te streng moest afvallen.
  • De voeding is (super) lekker, waardoor stoppen met eten moeilijker wordt


Maar nog het allerbelangrijste is castratie.

Door castratie zijn er hormonale veranderingen die leiden tot een verhoogde eetlust, maar een verlaagde calorische behoefte. Gecastreerde katten verliezen hun eetrem die intacte katten wel lijken te hebben.


Omdat je zo slecht zicht hebt op hoeveel je kat nu echt, kan zich tot ernstige gradaties ontwikkelen. Dat geldt zowel voor ondergewicht, maar in de huidige tijd des te meer voor overgewicht.


Er zijn meerdere onderzoeken die laten zien hoe schadelijk ad libitum voeren is bij gecastreerde katten. Katers gingen in 6 maanden onbeperkt brok van een body condition score (BCS) van 4,8 naar 6,3.[1] Poezen gingen in 12 maand van 3,5 kilo naar 4,5 kilo – wat 28,5% gewichtstoename is.[2] Dit zijn slechts twee voorbeelden van de 14 experimenten waarover ik heb gelezen (wetenschappelijk uiteraard).


Gecastreerde katten verliezen hun eetrem die intacte katten wel lijken te hebben.


Onderzoek die katten vergeleek op BCS tussen maaltijd gevoerd of onbeperkt liet ook zien dat de maaltijd gevoerde katten een lagere (betere) BCS hadden.[3]

BlikvoerBCSBrokjesBCS
Maaltijden5,65Maaltijden5,68
Ad libitum6,13Ad libitum6,06


Hierin zitten uiteraard gradaties: de ene kat zal zich beter kunnen beheersen dan de ander, maar er zijn zéker genoeg ook katten die maar blijven eten.


Het voeren van maaltijden zie ik als een aantal keer per dag een portie voer geven. Dat kan op gezette tijden, of wat meer willekeurig.


Het voeren van maaltijden heeft een aantal voordelen ten opzichte van onbeperkt voeren.

  1. Je hebt meer zicht op hun eetlust, dus als ze opeens meer of minder gaan eten zie je dat snel. Aangezien eetlust één van de eerste indicaties is van ziekten, kun je snel reageren.
  2. Ze hebben trek, dus het is makkelijker ze bijvoorbeeld binnen te roepen of te trainen met snoepjes. Het is ook vaak net iets makkelijker ze iets nieuws te leren eten (zoals natvoer).
  3. Regelmaat kan zorgen voor rust, dus minder schooien en eten pikken tussendoor. Voor sommige katten is dat echt een uitkomst.


Bedenk dat katten ook in het wild wel eens moeten wachten tot ze hun volgende prooi vangen. Ze eten niet de hele dag door, maar wachten hun kansen af.


Bovendien lijkt -niet de hele dag door eten- gunstig voor het hormonale stelsel: de bloedglucose daalt (de energie in het bloed), waardoor de vetreserves worden aangesproken om energie te leveren. Zeker bij katten met overgewicht is dit precies wat je wilt.


Bij maaltijden is er een groot nadeel. Meestal wordt dit in de praktijk uitgevoerd als 1 of 2 keer per dag.


Ook daar zitten nadelen aan. Weet je nog dat ze in het wild wel 8+ keer eten? Dan is 1 of 2 keer wel erg weinig opeens. Sommige katten worden onrustig, vervelend en zelfs agressief, vooral net voor het voeren. Een multi-kat huishouden waar ik oppaste kreeg altijd om 4 uur eten, maar werden rond 3 uur al onrustig, met name de Ragdoll kater.


Voor andere katten is de tijd tussen de maaltijden te lang. Ze krijgen echt honger.


Dat kan tot stress leiden – “wanneer komt nou mijn volgende maaltijd??!” vraagt de kat zich af. Hierdoor kan er ook in een kattengroep spanning ontstaan waarbij er meer conflicten onderling optreden.

Overgeven kan ook een symptoom zijn, vooral gele gal - want de maag is immers leeg.


Verder helpt het weinig tegen overgewicht als je alsnog veel meer voert dan nodig tijdens de maaltijd. Bij brok ligt dat het meest op de loer, vanwege de hoge calorie dichtheid. Dat betekent dat er veel energie in 1 gram voer zit.


Als voorbeeld: geef je bijvoorbeeld 60 gram in plaats van de aanbevolen 50 gram, dan kan dat voor een gemiddelde kat als een teveel zijn van 20% van zijn dagelijkse calorieën. Het is dus belangrijk om te weten hoeveel je kat mag eten per dag.


Nog een nadeel van minder vaak voeren en dan grotere maaltijden is de “post prandial tide”. Dit is de stijging van de urine pH (zuurtegraad) na de maaltijd. Hoe groter de maaltijd, hoe meer deze stijgt.


Deze grafiek laat dit effect goed zien[4]. Op de horizontale as van links naar rechts zie je hoeveel gram voeding de katten aten. Op de verticale as van boven naar beneden zie je wat dit deed met de urine pH na de maaltijd. De stipjes in de grafiek zijn van de individuele katten en de lijn laat de trend zien: hoe meer er in één maaltijd gegeten werd, hoe hoger de urine pH opliep.

Effect van voeding inname op urine pH waarde


Waarom is dit belangrijk?

Een urine zuurtegraad van boven de 6,8 zorgt ervoor dat de kans op struviet (vaak blaasgruis genoemd) toeneemt. Met name de hoeveelheid fosfaat neemt dan toe in de urine, en bindt zich met magnesium en ammoniak tot kristallen. Naast dat dit ontzettend pijnlijk is, kan het met name bij katers leiden tot een verstopping van de plasbuis. Dit kán dodelijk zijn als er niet op tijd wordt ingegrepen.


Daarom is het beter dat natvoer-maaltijden niet groter zijn dan 30 à 50 gram (een muis is ook ongeveer 30 gram). Bij brokjes zou het tussen 10 tot 15 gram goed. Dan blijft de urine pH onder de 6,5 en verklein je het risico op de vorming van struviet.


Om de urine pH onder de 6,5 te houden, mogen de natvoer-maaltijden niet groter zijn dan 50 gram. Brokjes houd je onder de 15 gram. De hoeveelheid die jouw kat krijgt per dag bepaald daardoor mede het aantal voermomenten.


Gemiddeld mag een kat zo'n 200 gram natvoer OF 50 gram brokjes. Dat komt dus neer op zo'n 4 à 5 maaltijden per dag.


Alhoewel geen significante verschillen, bleek dat bij 3 keer of vaker per dag brokjes voeren de BCS lager was. Bij blikvoer was dat 2 keer per dag of 4 keer of vaker.[5] Het zou interessant zijn als hier een groter onderzoek naar kwam met meer studieobjecten.[6]

BlikvoerBCSBrokjesBCS
1x per dag5,71x per dag5,82
2x per dag5,572x per dag5,60
3x per dag5,813x per dag5,13
Meer dan 3x per dag5,57Meer dan 3x per dag5,00


Daarnaast is het belangrijk dat je kat niet vreselijk honger krijgt tussen de maaltijden door. Schooien, overgeven, sloopgedrag of vervelend gedrag in het algemeen kunnen symptomen hiervan zijn. Individuele eigenschappen spelen dus ook mee.


Om deze redenen houd ik aan dat je minstens 3 maaltijden geeft, maar liever 4 tot 5 keer (of nog vaker als dat lukt!). Dit is uiteraard mede afhankelijk van je kat en de praktische mogelijkheden.


Om deze redenen houd ik aan dat je minstens 3 maaltijden geeft, maar liever 4 tot 5 keer (of nog vaker als dat lukt!). 


Voerautomaat

Als je zelf elke dag weg bent, kun je mogelijk gebruik maken van de PetSafe Eatwell die tot 5 maaltijden kan geven op ingestelde tijden. Dit is degene die ik zelf heb en nog steeds erg blij mee ben! Lees hier meer over voerautomaten op timers.

(tip: dit kan ook handig zijn voor de katten die rond 4 à 5 uur ’s ochtends al beginnen met miauwen om eten! Dan kunnen ze dan een portie eten krijgen, zonder dat jij daarvoor aanwezig hoeft te zijn.).

Bij katten die geen stop lijken te hebben (bv zwerfverleden, castratie, maar kan ook een individuele trek zijn) en bij meerdere katten in een huishouden zijn maaltijden een goed idee. Zo kun je beter iedereens eetlust veel beter in de gaten houden.


Bij natvoer of rauw vlees ga je al snel richting maaltijden, omdat het vlees uitdroogt en bacteriën zich in rauw vlees snel vermenigvuldigen. Zeker met KVV neem ik kleinere porties (30 tot 40 gram maximaal), zodat alles sneller op is. Dan was ik ook gelijk het bordje af. Deze hoeveelheden moet je aanpassen op jouw kat.


Bij katten die overgewicht hebben en moeten afvallen, is maaltijden voeren de werkwijze. Door onbeperkt brokjes te blijven geven aan je kat, gaat het afvallen hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Zelfs niet als je een low calorie voer neemt. Het probleem is nu net dat ze zelf niet of moeilijk kunnen doseren. Hun eetrem is kapot.


Maaltijden voor Lapje

Zelf voer ik Lapje 5 keer natvoer overdag (ong 30 gram per keer). Ze krijgt 's nachts nu ook nog 1 portie van 30 gram, en een 5 gram brokjes in een voerpuzzel voordat we naar bed gaan. Ik weeg de porties echt af met een keukenweegschaaltje. Ik gebruik de PetSafe Eatwell om me te helpen.


Bij kittens vóór castratie is het ad libitum voeren handig, met name als je niet in staat bent om minimaal 4 keer per dag te voeren. Immers hebben ze nog kleine maagjes maar is hun caloriebehoefte hoog. Daarom moeten ze veel vaker eten dan volwassen katten.


Verder is het bij zwangere en lacterende poezen te overwegen om ze onbeperkt voeding te geven. Net zoals bij kittens is de caloriebehoefte dan verhoogd. Om dit goed te halen is vaker eten nodig.


Mama poes Kat met Kitten


Ook bij katten die gedragsmatig problemen hebben met maaltijden kunnen soms beter ad libitum voeding krijgen. Deze katten kunnen veel stress vertonen wanneer er geen eten beschikbaar hebben. Er zal dan wel een afweging gemaakt moeten worden tussen stress en gewichtstoename (per individu te bekijken).


Het is wel handig dat je probeert een oogje te houden op de eetlust van de kat. Bij een 1-kats huishouden is dat prima te doen door ’s ochtends en ’s avonds de hoeveelheid brokjes te meten. Bij een multi-kat huishouden kan een Surefeed op chip de uitkomst zijn.


>>> Denk jij dat jouw kat zichzelf goed reguleert?

Meet dan wekelijks het gewicht van je kat en bepaal op basis van de body condition score of dit een gezond gewicht is voor jouw kat. Dan wéét je zeker hoe stabiel zijn gewicht is.


Ad libitum voor Noetje

Noetje (van Kim) eet vaak onvoldoende op vaste eetmomenten, zeker als ze er op dat moment geen zin in heeft. Dan gaat ze ook afvallen. Daarom staan er voor haar altijd een beetje brokjes. Samen met maaltijden (rauw of natvoer) eet ze dan voldoende en blijft ze goed op gewicht.


Voor een combinatie tussen een gezond gewicht, een goede urine pH, een stabiele(re) bloedsuiker en praktische overwegingen raad ik aan om minstens 5 keer per dag te voeren. Als dat écht niet lukt, houdt dan als minimum 3 keer aan.


Pas het aantal keer voeren aan op het gedrag, gezondheid en omstandigheden van jouw kat. Voor mentale uitdaging kun je voerpuzzels gebruiken.


In sommige gevallen is onbeperkt voeren handiger, zoals bij jonge kittens, moederpoezen en bij gedragsmatige problemen. Let echter goed op het gewicht, want met name gecastreerde katten hebben moeite zichzelf goed te reguleren. Meet daarom wekelijks het gewicht ter controle.


Hoe vaak geef jij een maaltijd aan je kat?


----

Bronnen

(A) Bradshaw (1991) Sensory and experiential factors in the design of foods for domestic dogs and cats

[1] Wei en anderen (2014) Early effects of neutering on energy expenditure in adult male cats.

[2] Harper en anderen (2006) Effects of feeding regimens on bodyweight, composition and condition score in cats following ovariohesterectomy

[3] Russell en anderen (2000) Influence of feeding regimen on body condition in the cat.

[4] Finke en Litzenberger (1992) Effect of food intake on urine pH in cats

[5] Russell en anderen (2000) Influence of feeding regimen on body condition in the cat.

[6] Interessante sidenote:

In dit onderzoek van Russell en anderen (2000) [3] wordt opgemerkt: “In humans, feeding frequency was found to be inversely related to bodyweight and skinfold thickness (Fabry and others 1964, 1966), with adiposity lower in subjects consuming more than five meals per day.”

Vrij vertaald staat hier dat mensen die vaker dan 5 keer aten per dag, minder lichaamsvet hadden. Daarom wordt soms aanbevolen je kat meer dan 5 keer per dag te voeren.

Echter merken de onderzoekers in de zin direct daarna op: “ However, such studies in humans are often confounded by behavioural modification and dietary under-reporting (Stubbs and others 1998), and a review of the literature finds the evidence to be artefactual (Bellisle and others 1997).”

Oftewel: er zijn mogelijk factoren die dit verband verstoren, waarbij een derde factor de eigenlijke veroorzaker is van het mindere lichaamsvet en/of vaker eten (‘confounding factor’). Of we hier voor onze katten dus écht iets mee kunnen, vraag ik me daarom af.

Reactie plaatsen