Van onbeperkt voeren tot maaltijden: hoe vaak moet je kat eten?

In kattenland is het vaak een discussie of we voer de hele dag moeten laten staan (onbeperkt voeren) of dat het beter is om in één of meerdere maaltijden te voeren.

Hiervoor zijn diverse argumenten te voeren. Zo kunnen we kijken naar het mentale welzijn, de fysieke gezondheid en praktische overwegingen voor de bakjes-vullers (wij dus 😉 ).

In dit artikel ga ik dieper in op de voors- en tegens van onbeperkt voeren en maaltijden voeren.

Past onbeperkt voeren bij het natuurlijke eetpatroon?

Onbeperkt voeren is het overdadig vullen van het voerbakje, zodat de kat op zijn eigen momenten kleine beetjes kan eten. In de wetenschappelijke literatuur wordt dit ook wel “ad libitum” genoemd. De Engelse term “free feeding” wordt vaker in blogs gebruikt.

Een argument dat wordt aangevoerd om onbeperkt te voeren, is dat het zou passen bij het “natuurlijke eetpatroon”.

Een kat in het wild jaagt op muizen. Een muisje bestaat uit ongeveer 30kcal. Dat betekent dat een intacte kat van 4 kilo zo’n 8 muizen moet vangen per dag. Als ze de kans krijgen, eten ze vaker. Immers, je weet nooit wanneer je volgende vangst is: slechts 1 op de 3 jaagpogingen lukt.

Hierom wordt gesteld dat katten meerdere kleine maaltijden per dag eten. Daaruit voortvloeiend: er moet de hele dag eten staan zodat dit mogelijk is voor de kat.

Maar laten we dat eens nader onderzoeken.

In het wild doet de kat meerdere jaagpogingen, waarbij hij energie gebruikt en mentaal scherp moet zijn.

Bij onbeperkte voeding zijn deze laatste twee aspecten afwezig. Dat betekent dat hij minder energie verbruikt én niet mentaal wordt uitgedaagd voor zijn voeding. Er is geen patroon van jagen – grijpen – doden – eten en dan wassen en slapen.

Sommige katten gaan daardoor eten uit verveling. Er komt een patroon van eten – slapen, die weinig uitdaging biedt. Het is een verschil van loom naar je etensbak sjokken versus sluipen, timen en bespringen.

Nog een groot verschil met het wild: prooien bevatten rond de 65% vocht. Hierdoor zijn katten van nature gewend dat hun eetlust én dorst tegelijk bevredigd worden.

Brok, iets wat vaak onbeperkt gevoerd wordt, bevat slechts 10% vocht. Veel katten verwarren dorst met honger, en gaan daardoor ook meer eten. Omdat brok veel caloriedichter is dan vlees (prooi en natvoer), is elke hap een flinke aanslag op de calorische inname.

Mentaal gezien past onbeperkt voeren dus niet bij het natuurlijke eetpatroon. Katten zijn jagers, géén grazers!

Overgewicht ligt op de loer

Omdat er altijd voeding beschikbaar is, blijven katten eten. De ene kat zal dat meer hebben dan de ander uiteraard.


Blog advertentie Via Natura

Zeker bij (net) gecastreerde katten kan dit makkelijk leiden tot overgewicht. Door castratie zijn er hormonale veranderingen die leiden tot een verhoogde eetlust, maar een verlaagde calorische behoefte. Gecastreerde katten verliezen hun eetrem die intacte katten wel lijken te hebben.

Er zijn meerdere onderzoeken die laten zien hoe schadelijk ad libitum voeren is bij gecastreerde katten. Katers gingen in 6 maanden onbeperkt brok van een body condition score (BCS) van 4,8 naar 6,3.[1] Poezen gingen in 12 maand van 3,5 kilo naar 4,5 kilo – wat 28,5% gewichtstoename is.[2] Dit zijn slechts twee voorbeelden.

Gecastreerde katten verliezen hun eetrem die intacte katten wel lijken te hebben.

Onderzoek die katten vergeleek op BCS tussen maaltijd gevoerd of onbeperkt liet ook zien dat de maaltijd gevoerde katten een lagere (betere) BCS hadden.[3]

BlikvoerBCSBrokjesBCS
Maaltijden5,65Maaltijden5,68
Ad libitum6,13Ad libitum6,06

Ook katten met een zwerfverleden, een streng dieet of in een multi-kat huishouden (door competitie) kunnen ook vreetgedrag laten zien. In een multi-kat huishouden zie je daardoor soms 1 dikke kat, die het eten van de rest wegkaapt. Bij schransen is onbeperkt voeding neerzetten geen goed idee.

Zijn maaltijden een beter alternatief?

Het voeren van maaltijden heeft een aantal voordelen ten opzichte van onbeperkt voeren.

  1. Je hebt meer zicht op hun eetlust, dus als ze opeens meer of minder gaan eten zie je dat snel. Aangezien eetlust één van de eerste indicaties is van ziekten, kun je snel reageren.
  2. Ze hebben trek, dus het is makkelijker ze bijvoorbeeld binnen te roepen of te trainen met snoepjes.
  3. Regelmaat kan zorgen voor rust, dus minder geschooi en eten pikken tussendoor. Voor sommige katten is dat echt een uitkomst.

Bedenk dat katten ook in het wild wel eens moeten wachten tot ze hun volgende prooi vangen. Ze eten niet de hele dag door, maar wachten hun kansen af.

Bovendien lijkt -niet de hele dag door eten- gunstig voor het hormonale stelsel: de bloedglucose daalt (de energie in het bloed), waardoor de vetreserves worden aangesproken om energie te leveren. Zeker bij katten met overgewicht is dit precies wat je wilt.

Toch hebben ook in maaltijden voeren nadelen…

Waarschijnlijk zullen de meesten mensen die maaltijden voeren, dit om praktische redenen 2 keer per dag doen.

Ook daar zitten nadelen aan. Mentaal past het alsnog niet bij het natuurlijke patroon. Sommige katten kunnen onrustig of zelfs vervelend en agressief worden, vooral net voor het voeren. Een multi-kat huishouden waar ik oppaste kreeg altijd om 4 uur eten, maar werden rond 3 uur al onrustig, met name de Ragdoll kater.

Voor andere katten is de tijd tussen de maaltijden te lang. Dat kan tot stress leiden – “wanneer komt nou mijn volgende maaltijd??!” vraagt de kat zich af. Overgeven kan ook een symptoom zijn. Vaker voeren kan dit mogelijk oplossen.

Verder helpt het weinig tegen overgewicht als je alsnog veel meer voert dan nodig tijdens de maaltijd. Bij brok ligt dat het meest op de loer, vanwege de calorie dichtheid.

Als voorbeeld: geef je bijvoorbeeld 60 gram in plaats van de aanbevolen 50 gram, dan kan dat voor een gemiddelde kat als een surplus zijn van 20% van zijn dagelijkse calorieën. Het is dus belangrijk om te weten hoeveel je kat mag eten per dag.

Te grote maaltijden en de urine pH

Nog een nadeel van minder, maar grotere maaltijden is de “post prandial tide”. Dit is de stijging van de urine pH (zuurtegraad) na de maaltijd. Hoe groter de maaltijd, hoe meer deze stijgt.

Deze grafiek laat dit effect goed zien[4]. Op de horizontale as van links naar rechts zie je hoeveel gram voeding de katten aten. Op de verticale as van boven naar beneden zie je wat dit deed met de urine pH na de maaltijd. De stipjes in de grafiek zijn van de individuele katten en de lijn laat de trend zien: hoe meer er in één maaltijd gegeten werd, hoe hoger de urine pH opliep.

Effect van voeding inname op urine pH waarde

Waarom is dit belangrijk?

Een urine zuurtegraad van boven de 6,8 zorgt ervoor dat de kans op struviet (vaak blaasgruis genoemd) toeneemt. Met name de hoeveelheid fosfaat neemt dan toe in de urine, en bindt zich met magnesium en ammoniak tot kristallen. Naast dat dit ontzettend pijnlijk is, kan het met name bij katers leiden tot een verstopping van de plasbuis. Dit kán dodelijk zijn als er niet op tijd wordt ingegrepen.

Daarom is het beter dat maaltijden niet groter zijn dan 60 à 70 gram. Dan blijft de urine pH onder de 6,5 en verklein je het risico op de vorming van struviet.

Hoeveel maaltijden kun je het beste aan je kat geven per dag?

Om de urine pH onder de 6,5 te houden, mogen de maaltijden niet groter zijn dan 60 gram. De hoeveelheid die jouw kat krijgt per dag bepaald daardoor mede het aantal voermomenten.

Met brok is dat niet zo lastig, gezien de gemiddelde kat rond de 50 à 60 gram per dag hoort te krijgen. Bij natvoer ga je naar de 200 gram en dan geef je vier maaltijden.

Alhoewel geen significante verschillen, bleek dat de BCS bij 3 keer of vaker per dag brokjes voeren de BCS lager was. Bij blikvoer was dat 2 keer per dag of 4 keer of vaker.[5] Het zou interessant zijn als hier een groter onderzoek naar kwam met meer studieobjecten.[6]

BlikvoerBCSBrokjesBCS
1x per dag5,71x per dag5,82
2x per dag5,572x per dag5,60
3x per dag5,813x per dag5,13
Meer dan 3x per dag5,57Meer dan 3x per dag5,00

Daarnaast is het belangrijk dat je kat niet vreselijk honger krijgt tussen de maaltijden door. Overgeven, sloopgedrag of vervelend gedrag in het algemeen kunnen symptomen hiervan zijn. Individuele eigenschappen spelen dus ook mee.

Om deze redenen houd ik aan dat je minstens 3 maaltijden geeft, maar liever 4 tot 5 keer. Dit is uiteraard mede afhankelijk van je kat en de praktische mogelijkheden.

Voerautomaat

Als je zelf elke dag weg bent, kun je mogelijk gebruik maken van de PetSafe Eatwell die tot 5 maaltijden kan geven op ingestelde tijden. Lees hier meer over voerautomaten op timers.

(tip: dit kan ook handig zijn voor de katten die rond 4 à 5 uur ’s ochtends al beginnen met miauwen om eten!).

Petsafe Eatwell 5

Wanneer zijn meerdere maaltijden een goed idee?

Bij schranser, katten met een zwerfverleden en bij meerdere katten in een huishouden zijn maaltijden een goed idee. Zo kun je beter iedereens eetlust in de gaten houden.

Bij natvoer of rauw vlees ga je al snel richting maaltijden, omdat het vlees uitdroogt en bacteriën zich in rauw vlees snel vermenigvuldigen. Zeker met KVV neem ik kleinere porties (30 tot 40 gram), zodat alles sneller op is. Dan was ik ook gelijk het bordje af. Deze hoeveelheden moet je aanpassen op jouw kat.

Bij katten die overgewicht hebben en moeten afvallen, is maaltijden voeren de werkwijze. Door onbeperkt brokjes te blijven geven aan je kat, gaat het afvallen waarschijnlijk niet lukken. Zelfs niet als je een low calorie voer neemt.

Maaltijden voor Lapje

Zelf voer ik Lapje 3 tot 5 keer per dag (ze staat op een volledig natvoer dieet). Ik weeg de porties af met een keukenweegschaaltje. Aangezien ik thuis werk aan Catmoneo, is dit makkelijk haalbaar.


Op dagen dat ik weg ga, geef ik haar rond 7:30 iets, net voordat ik wegga (rond 8:45), dan tussen 16:00 en 18:00 een portie en dan rond 22:00 nog wat voor de nacht. Tussendoor laat ik het gewoon staan en bij de nieuwe maaltijd wordt alles goed afgespoeld.

Wanneer is onbeperkt voeren een goed idee?

Bij kittens voor castratie is het ad libitum voeren ook soms handig, met name als je niet in staat bent om minimaal 4 keer per dag te voeren. Immers hebben ze nog kleine maagjes maar is hun caloriebehoefte hoog. Daarom moeten ze veel vaker eten dan volwassen katten.

Verder is het bij zwangere en lacterende poezen te overwegen om ze onbeperkt voeding te geven. Net zoals bij kittens is de caloriebehoefte dan verhoogd. Om dit goed te halen is vaker eten nodig.

Mama poes Kat met Kitten

Ook bij katten die gedragsmatig problemen hebben met maaltijden kunnen soms beter ad libitum voeding krijgen.

Het is wel handig dat je probeert een oogje te houden op de eetlust van de kat. Bij een 1-kats huishouden is dat prima te doen door ’s ochtends en ’s avonds de hoeveelheid brokjes te meten.

Denk jij dat jouw kat zichzelf goed reguleert? Meet dan wekelijks het gewicht van je kat en bepaal op basis van de body condition score of dit een gezond gewicht is voor jouw kat. Dan wéét je zeker hoe stabiel zijn gewicht is.

Ad libitum voor Noetje

Noetje (van Kim) eet vaak onvoldoende op de vaste eetmomenten, zeker als ze op dat moment er geen zin in heeft. Dan gaat ze ook afvallen. Voor haar staan er dus altijd een beetje brokjes en blijft ze goed op gewicht.

Voerpuzzels voor mentale uitdaging

Met brokjes kun je ook gebruik maken van voerpuzzels of het verstoppen op verschillende plekjes in het huis. ‘Verstoppen’ moet je hier in de ruimste zin opvatten: een plekje onder een eetkamer stoel kan ook.

Als je hiermee qua calorieën een muis wil imiteren (30kcal), moet je per plekje ongeveer 8 gram brokjes verstoppen.

Hierbij zijn wel vier dingen belangrijk:

  1. Weet zeker dat je kat snapt dat hij moet zoeken naar zijn eten (Lapje snapt er niets van, dus doe ik dit niet)…
  2. … en dat hij niet alsnog in één inning alles opzoekt en opeet. Dan gaat het aan zijn doel voorbij van mentale uitdaging en kleinere porties. Dan kun je voerpuzzels beter in jouw bijzijn gebruiken.
  3. Verstop niet alles van de dagelijkse hoeveelheid, maar geef ook nog gewoon in een bakje.
  4. Uiteraard check je je verstopplekjes dagelijks voor wat er gegeten is en zodat er niet iets (te) lang blijft liggen.
Catit Digger

Conclusie: Drie of meer maaltijden per dag

Voor een combinatie tussen een gezond gewicht, een goede urine pH en praktische overwegingen raad ik aan om minstens 3 keer per dag te voeren. Pas het aantal keer voeren aan op het gedrag, gezondheid en omstandigheden van jouw kat. Voor wat mentale uitdaging kun je voerpuzzels gebruiken.

In sommige gevallen is onbeperkt voeren handiger, zoals bij jonge kittens, moederpoezen en bij gedragsmatige problemen. Let echter goed op het gewicht, want met name gecastreerde katten hebben moeite zichzelf goed te reguleren. Meet daarom wekelijks het gewicht ter controle.

Pootje Catmoneo
Bronnen

[1] Wei en anderen (2014) Early effects of neutering on energy expenditure in adult male cats.

[2] Harper en anderen (2006) Effects of feeding regimens on bodyweight, composition and condition score in cats following ovariohesterectomy

[3] Russell en anderen (2000) Influence of feeding regimen on body condition in the cat.

[4] Finke en Litzenberger (1992) Effect of food intake on urine pH in cats

[5] Russell en anderen (2000) Influence of feeding regimen on body condition in the cat.

[6] Interessante sidenote:

In dit onderzoek van Russell en anderen (2000) [3] wordt opgemerkt: “In humans, feeding frequency was found to be inversely related to bodyweight and skinfold thickness (Fabry and others 1964, 1966), with adiposity lower in subjects consuming more than five meals per day.”

Vrij vertaald staat hier dat mensen die vaker dan 5 keer aten per dag, minder lichaamsvet hadden. Daarom wordt soms aanbevolen je kat meer dan 5 keer per dag te voeren.

Echter merken de onderzoekers in de zin direct daarna op: “ However, such studies in humans are often confounded by behavioural modification and dietary under-reporting (Stubbs and others 1998), and a review of the literature finds the evidence to be artefactual (Bellisle and others 1997).”

Oftewel: er zijn mogelijk factoren die dit verband verstoren, waarbij een derde factor de eigenlijke veroorzaker is van het mindere lichaamsvet en/of vaker eten (‘confounding factor’). Of we hier voor onze katten dus écht iets mee kunnen, vraag ik me daarom af.

Vond je dit artikel interessant?
Meld je dan aan voor meer tips en de nieuwste blogs.
Plus de download "In 4 stappen kattenvoer beoordelen".

*Geen spam!

Wist je dat... Je kunt Catmoneo ook volgen op Facebook!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *