Kant en klaar vers vlees: Wat is KVV?

Naast brokken of natvoer is er nog een manier van voeren, namelijk rauwe voeding. Omdat het zelf samenstellen hiervan lastig kan zijn, is het makkelijker om te kiezen voor een kant en klare variant: KVV.

 

Maar wat is KVV nu eigenlijk? En hoe kies je nu een passende KVV voor je kat? In dit artikel vertel ik je meer over de samenstelling van KVV en welke overwegingen interessant kunnen zijn bij het kiezen voor de juiste soort voor jouw kat.

Wat is KVV?

KVV staat voor Kant en klaar Vers Vlees. Het is een samenstelling van gemalen vlees, orgaan en bot met soms een aanvulling van plantaardige toevoegingen, olie en/of een vitaminen-en-mineralen mix (ook wel premix genoemd).

Omdat KVV in theorie al uit de juiste verhoudingen van ingrediënten bestaat, is dit de meest eenvoudige manier van rauw voeren. Daarbij zijn de ingrediënten niet meer echt herkenbaar, waardoor het voor sommigen ook prettiger oogt dan grote stukken dier.

Enkelvoudig of mix

Een KVV kan enkelvoudig of een mix zijn. Afhankelijk van de kat kan de een beter aansluiten dan de ander. Zo zijn enkelvoudige malingen erg handig voor een eliminatiedieet en wordt een mix juist graag ingezet om met één product een complete voeding te bieden. Dit betekent overigens niet dat elke mix compleet is. Hierover later meer.

Enkelvoudig

Dit is een maling die uit enkel één diersoort bestaat. Sommige merken noemen dit ook wel Puur of Zuiver. Zoals hierboven aangegeven, zijn dit soort malingen handig voor een eliminatiedieet, maar het kan ook handig zijn voor katten die simpelweg een mix weigeren. Vaak hebben merken met enkelvoudige varianten een brede selectie van soorten, waardoor je veel af kunt wisselen. Erg prettig voor de kieskeurige kat.

Enkelvoudige malingen hebben ook nadelen. Zo is niet elke fabrikant in staat om beenderen van grote diersoorten te verwerken, zoals rund of paard, waardoor deze óf simpelweg geen calciumbron hebben óf een toegevoegde calciumbron hebben.

Verder zal een enkelvoudige KVV op zichzelf nooit compleet zijn, tenzij er een specifieke premix is toegevoegd om deze compleet te maken (en dit dan ook blijkt uit analyse).

Mix

Hierbij zitten binnen één maling meerdere diersoorten. Dit kan verschillende redenen hebben:

  • Een complete maling willen creëren
  • Financiële overwegingen (bepaalde karkassen zijn goedkoper)
  • Praktische overwegingen (makkelijker verwerkbare karkassen)
  • Acceptatie verhogen door een andere smaak en/of textuur

In een volgend artikel ga ik verder in op compleet voeren en waarom een mix dus niet per definitie compleet is.

Samenstelling

KVV’s kunnen in samenstelling veel afwijken van elkaar. Dit heeft te maken met de visie die ze volgen en dus welke verhoudingen ze gebruiken en of ze liever werken met enkelvoudige malingen of mixen. Afhankelijk van de eigen visie en de behoeften van de specifieke kat, zal de ene samenstelling idealer zijn dan de andere.

Ingrediënten

In principe hét startpunt om te beoordelen of een KVV wel of niet past bij wat men zoekt. Nu is het lastig om de kwaliteit hiervan te beoordelen, zeker wanneer geen specificaties worden gegeven, maar het is een begin.

Verhoudingen – Verschillende merken zullen net wat andere verhoudingen hebben in spier, orgaan en bot. Om te beginnen kunnen de “prooidierverhoudingen” (80/10/10) een goede start zijn, maar dit hoeft zeker niet te werken. In dat geval kun je zoeken naar een merk met andere verhoudingen.

Spiervlees – Helaas geven veel merken niet specifiek aan welk deel precies wordt gebruikt. Zo kan het variëren van “kopvlees” tot “dijvlees”, waarbij het eerste minder kwalitatief is dan het laatste (en ook minder taurine bevat).

Orgaan – Over het algemeen wordt hiervoor als basis lever gebruikt. In Nederland worden magen en hart over het algemeen ook tot organen gerekend, deze zullen hier dan ook onder vallen. Dit kan soms zorgen voor een hoger orgaan aandeel, het kan dan handig zijn om te weten of dit vooral door de lever of de andere organen is.

Hart is voor katten een belangrijk onderdeel, omdat dit een goede bron van taurine is (een essentiële voedingsstof voor katten). Omdat vaak kwalitatief minder spiervlees wordt gebruikt, is dit extra belangrijk.

Het kan soms belangrijk zijn om te weten of magen (of zelfs darmen) worden gebruikt. Vaak zijn deze niet “schoon”, waardoor voedselresten nog aanwezig kunnen zijn in de maling. Voor dieren met bijvoorbeeld een granenallergie is dit vaak geen succes. Verder reageren katten vaak afkeurend op pens, waardoor ze een maling simpelweg niet eten.

Bot – Het botgehalte zelf zegt niet heel veel, omdat bot binnen een diersoort al veel kan variëren aan de hand van functie, leeftijd van het dier en activiteit. Daarbij wordt vaak gesproken van vleesbot, waardoor de hoeveelheid “kaal bot” per merk of soort flink kan verschillen.

Optionele ingrediënten

Buiten de standaard vlees-orgaan-bot kunnen KVV’s ook nog andere ingrediënten hebben, afhankelijk van de visie die ze volgen. Of deze wel of niet wenselijk zijn, hangt puur af van de eigen visie en de specifieke behoeften van de kat.

(Vis)olie – Bij voornamelijk enkelvoudige varianten wordt dit over het algemeen als aparte smaak geleverd, terwijl de mixen dit vaak als toevoeging hebben (zowel de vis als de olie). Een belangrijke bron van Omega 3 vetzuren die niet een te groot aandeel van het dieet moet hebben.

Premix – Dit is een toevoeging van vitaminen en mineralen die vaak worden gebruikt om een maling “compleet” te maken of die in ieder geval een gat opvullen, zoals calcium. Nu zal niet elke maling met een premix compleet zijn, hierover later meer.

Pens – Dit wordt voor honden vaak gezien als belangrijk onderdeel van het dieet, voor katten is het in ieder geval niet essentieel. Veel katten willen hier ook niks van weten, waardoor ze een maling met pens sneller zullen weigeren.


Blog advertentie Via Natura

Plantaardige toevoegingen – Een plantaardige olie wordt wat vaker gezien, maar ook groenten en fruit worden bij enkele merken toegevoegd. Over het algemeen zijn dit merken die zichzelf als compleet bestempelen, waardoor het in theorie een waardevolle toevoeging is. De meningen over het nut van plantaardige toevoegingen zijn verdeeld, maar overdaad is absoluut onwenselijk.

Analyse

Buiten de ingrediënten is de analyse ook handig om naar te kijken. Het geeft concrete cijfers van onder andere eiwitten, vetten en vocht, waardoor het makkelijker wordt om merken onderling te vergelijken. Overigens kun je deze cijfers ook afleggen tegen die van een natvoer of brok (mits je dezelfde maat gebruikt, zoals “droge basis”).

Eiwitten – Dit is misschien wel het belangrijkste deel voor een obligate carnivoor als de kat. Dierlijke eiwitten bevatten een aantal essentiële aminozuren (zoals taurine) die een kat niet uit andere, natuurlijke ingrediënten kan halen. Voldoende kwalitatieve eiwitten zijn dus noodzakelijk.

Vetten – Vetten leveren meer calorieën dan eiwitten, waardoor een hoger vetgehalte vaak duidt op meer calorieën per 100g (dit is niet altijd het geval). Hierdoor kun je minder voeren, wat bij een te hoog vetgehalte ten koste kan gaan van andere, belangrijke voedingsstoffen.

Ondanks dat een kat vet vaak goed kan verwerken, zijn ook zij gevoelig voor pancreatitis en is het dus ook daarom niet verstandig om alleen vette varianten te voeren. Magere varianten ter afwisseling zijn dus zeker aan te raden.

Koolhydraten – Deze vind je niet terug op het label (het is immers niet verplicht), maar kun je wel heel simpel berekenen (100-vocht-eiwit-vet-as). In principe is het koolhydraatgehalte in KVV verwaarloosbaar, wanneer deze uit enkel dierlijke producten bestaat. Hogere cijfers worden vaak veroorzaakt door afrondingsverschillen en een slechte homogeniteit van de maling waarover de analyse is gedaan.

Zodra merken plantaardige producten gaan toevoegen, zal dit een relevanter beeld geven. Zeker katten kunnen over het algemeen niet zoveel met een te hoog aandeel koolhydraten, waardoor het in dat geval wel iets is om rekening mee te houden.

Vocht – Vocht uit KVV is lichaamseigen vocht en geen toegevoegd water. Het is voor katten de belangrijkste vorm van vochtinname en essentieel voer een goede hydratatie. Tijdens het ontdooien zakt dit vocht vaak naar de bodem van de bak, waarbij het een aantal belangrijke wateroplosbare voedingsstoffen meeneemt. Dit vocht terug door het vlees mengen of op een andere manier aanbieden is dus zeer belangrijk.

Het vochtpercentage is niet enorm belangrijk, maar kan wel heel handig zijn. Om voeding bijvoorbeeld op droge basis met elkaar te vergelijken, is het vochtpercentage nodig.

Zie ook: Droge stof basis: Hoe vergelijk je kattenvoer op basis van de voedingstabel?

Calcium en fosfor

Hierboven werd benoemd dat het botgehalte op zichzelf te weinig zegt over het calciumaandeel. Gelukkig wordt het calciumpercentage weergeven onder de analyse, samen met fosfor. Buiten dat deze factoren op zichzelf belangrijk zijn, is namelijk ook hun onderlinge verhouding niet verwaarloosbaar.

Calcium – Calcium is een belangrijke bouwsteen voor het skelet en gebit. Een tekort kan leiden tot verstoorde groei, botontkalking, osteoporose of het All Meat Syndrome. Zeker kittens kunnen hierdoor onherstelbare schade oplopen.

Een overschot is over het algemeen iets minder vervelend, omdat dit via de ontlasting wordt afgevoerd. Het nadeel hiervan is dat de ontlasting vervolgens dusdanig hard kan worden dat de kat hiervan geconstipeerd raakt. Bij harde ontlasting is het dus raadzaam om het calciumgehalte terug te schroeven.

Fosfor – Een volledig dierlijk dieet zal niet leiden tot een fosfor tekort bij katten. Zowel spiervlees als organen als botten bevatten dusdanig veel fosfor dat dit ruimschoots voldoet aan de behoefte hiervoor. Voor senioren kan dit wat minder voordelig zijn, omdat hun nierfunctie vaak achteruitgaat. Hun lichaam kan de hoeveelheid fosfor dan minder goed verwerken, wat voor problemen kan zorgen. Een lager fosforgehalte kan dan bijdragen aan de gezondheid.

De onderlinge verhouding tussen calcium en fosfor is vaak 1:1 tot 2:1, waarbij calcium het meest aanwezig is. Voor kittens is een minder brede marge beter: Tot 1,5:1.

Waar kun je verder naar kijken?

Buiten de vrij algemene dingen zijn er ook een aantal punten die flink af kunnen wijken per kat of eigenaar. Hierover is dus geen algemeen advies te geven, maar moet de eigenaar zelf bepalen in hoeverre dit in zijn situatie relevant is.

Grofheid – KVV’s kunnen heel grof of heel fijn gemalen worden. Een honden-en-katten-variant is vaak vrij grof, terwijl een kittenvariant juist heel fijntjes is. De kat kan hier absoluut een voorkeur in hebben (om wat voor reden dan ook) en dus puur op textuur een maling weigeren.

Herkomst – Hier zal de kat niet veel om geven, maar de eigenaar mogelijk wel. Voor wie dit wenst, zijn er biologische merken beschikbaar, of merken die de stempel niet dragen, maar wel biologische ingrediënten gebruiken.

Allergieën of intolerantie – Het kan altijd voorkomen dat de kat minder goed reageert op bepaalde ingrediënten. De ingrediëntenlijst goed lezen is dan zeer belangrijk, omdat de “smaaknaam” niet altijd exact zal weergeven welke diersoorten er allemaal inzitten. Bij twijfel is het advies om ook zeker de fabrikant te contacteren.

Meer weten over Kant en klaar Vers Vlees? Lees dan hier verder over de praktische zaken die komen kijken bij het voeren van KVV.

Kat silhouette
Nieuwsgierig wat goede voeding is voor je kat?In deze mini voedingsgids vertel ik je er meer over!

Vind jij een goede voeding voor je kat kiezen ook zo moeilijk?!

Uren - nee, wéken - heb ik erover gedaan om te kiezen uit de overvloed.

In deze mini voedingsgids geef ik je een aantal tips waar je op kunt letten én geef ik je een aantal merken.

Zo wordt kiezen voor een betere kattenvoeding een stuk makkelijker!

2 reacties:

  1. Ik heb nu voor het eerst BARFmenu gehaald voor mijn katten.
    Ook heb ik de voedingstool. Wanneer ik kijk op de verpakking zou mijn poes van 4kg 4x35gram mogen (140 gram) ze is gecastreerd en is een lekkere bankhanger maar in de tool kom ik uit op 64,5 gram. Ik zou snappen dat ze wellicht iets minder zou mogen hebben maar dit is ruim de helft minder. Wat zou ik aan moeten houden?

    • BARFmenu gaat uit van een hoeveelheid gebaseerd op x gram per lichaamsgewicht en castratie.
      Ik neem ook beweging mee: een bankhanger zit lager in kcal volgens het Fediaf.
      Toch blijft de voedingstool een richtlijn, net zoals alle andere voorgeschreven hoeveelheden.

      Hoeveel geef je haar op dit moment aan kcal? En blijft ze daarmee op goed gewicht?
      Dan zou je dat eerst als uitgangspunt kunnen nemen, en die hoeveelheid omrekenen naar grammen van BARFmenu.
      Weeg haar regelmatig (eens per week minstens) en check wat het gewicht doet.
      Blijft ze dalen, dan geef je meer voeding. Wordt ze zwaarder, dan geef je minder.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *